Wat is een goed moment om uw glucosesensor te kalibreren?

U kunt het beste kalibreren als uw bloedglucose niet sterk stijgt of daalt, en bij voorkeur op vaste tijdstippen. Bijvoorbeeld bij het opstaan of vóór een maaltijd. Na een maaltijd is de kans groot dat uw bloedglucose snel verandert. Op het scherm van de sensor zijn dan pijltjes zichtbaar waaraan u kunt zien of uw bloedsuiker snel aan het stijgen of dalen is. Als u op dat moment een kalibratie uitvoert is het risico groot dat u de sensor verkeerd ‘ijkt’. De sensor geeft in geval van een groot verschil altijd een foutmelding; hij gaat pas verder met meten als hij een correcte kalibratie krijgt. Na zo’n foutmelding kunt u de kalibratie 10 minuten later nog eens doen. Denk ook aan handen wassen voordat u gaat meten!

Verschillende waarden

U zult ontdekken dat de waarde die de glucosesensor aangeeft soms afwijkt van wat u meet via een vingerprik. De reden is dat de glucosesensor de glucosewaarde onderhuids meet en niet in het bloed. Hierdoor loopt de meting van de sensor zo’n 5-20 minuten achter op de vingertopmeting. Bij snelle veranderingen van de bloedglucose, bijvoorbeeld na een snack of maaltijd, bij inspanning of na het geven van een insulinebolus kan er zelfs tot 20 procent verschil zijn tussen de waarde onderhuids en in het bloed.

X

Glucosesensornet.nl gebruikt cookies

Om de website goed te laten werken en u de beste online ervaring te bieden, gebruiken we analytische en functionele cookies. Lees meer over het cookie beleid.


Doorgaan